Winterreis Zwitserland 2009

26 februari 2009

Draisine van de ST te Triengen-Winikon op 28 februari 2009. Let op de hendels voor het draaien van de cabine. Foto: Paul Bosman.

Excursietreinstel op de Wynental- und Suhrentalbahn, 28 februari 2009. Foto: Natasja Varlamova.

Pullmanrijtuigen te Zweisimmen, 1 maart 2009. Foto: Natasja Varlamova.

Bar aan boord van de MOB-Pullman: koffie voor de secretaris van het NVBS-hoofdbestuur. Foto: Paul Bosman.

Motorwagen 15 van De Chemin de fer Martigny–Châtelard te Martigny-depot, 1 maart 2009.. Foto: Paul Bosman.

Treinstel van de Gornergratbahn aan het eindpunt Gornergrat op 3100 meter hoogte, 2 maart 2009. Foto: Natasja Varlamova.

Treinstel van de Centovallibahn nabij Ihet Zwitserse Intragna op 3 maart 2009. Foto: Natasja Varlamova.

Wachten op de kruising bij station Oberalppass van de MGB, 3 maart 2009. Foto: Paul Bosman.

Bever aan de Albulalijn van de Rhätische Bahn, 5 maart 2009.. Foto: Natasja Varlamova.

Berninabahn-museumstel te Bernina Hospiz, 5 maart 2009. Foto: Paul Bosman.

Langs de lijn.., 5 maart 2009. Foto: Paul Bosman.

Excursietrein te Poschiavo, 5 maart 2009. Foto: Natasja Varlamova.

Smalsporig dineren in aangenaam gezelschap tussen Bergün en Chur op 5 maart 2009.. Foto: Paul Bosman.

Gezicht op Olten met houten voetgangersbrug, 27 februari 2009. Foto: Natasja Varlamova.

Trein van de Waldenburgerbahn (750 mm) te Waldenburg, 27 februari 2009. Foto: Paul Bosman.

FLIRT-treinstel te Koblenz in Zwitserland, 27 februari 2009. Foto: Paul Bosman.

Fotostop aan de Sursee-Triengen-Bahn, 28 februari 2009. Foto: Natasja Varlamova.

Nog een fotostop aan de Sursee-Triengen-Bahn, 28 februari 2009. Foto: Paul Bosman.

Winterreis Zwitserland 2009

Paul Bosman

Op 26 februari 2009 begon de 21e editie van de SNE-reeks winterreizen met een dagreis per ICE naar Olten in Noord-Zwitserland. 64 deelnemers hadden zich aangemeld – Zwitserland is altijd weer een klapper – 56 konden uiteindelijk mee. Zoals gebruikelijk was het overstappen van zo'n grote groep van de ene in de andere ICE steeds weer een chaotisch gebeuren, niet in de laatste plaats vanwege ongecoördineerd tegemoetkomend verkeer van andere reizigers. Uiteindelijk vond iedereen natuurlijk zijn/haar zitplaats, maar niet dan nadat soms anderen van de gereserveerde plaatsen moesten worden weggestuurd. Het schijnt helaas niet anders te kunnen. In Olten wachtte ons een plezierig hotel vlak bij het station en bij de avondmaaltijd werden de plannen gesmeed voor de volgende dag.

In Zwitserland werd per Swiss Pass gereisd en de vier vrije dagen werden dan ook benut voor allerlei soorten uitstapjes: lange treinreizen, stedenbezoek of regionale lijntjes. Op de 28e werden 2 excursies gehouden, om te beginnen een stoomrit vanuit Sursee over de niet-geëlektrificeerde goederenlijn naar Triengen. De zon scheen krachtig en we werden – half in tegenlicht – getrakteerd op enkele fraaie Scheinanfahrten. Aan het eindpunt was voldoende tijd voor een kop koffie en het bekijken van merkwaardige rangeerbewegingen met een draisine die, na een simpele ingreep, draaibaar bleek. Vervolgens werd in een overvolle Postauto koers gezet naar het volgende reisdoel: een rit per smalsporige Wynental- und Suhrentalbahn van Schöftland via Aarau naar Reinach en terug in een door een e-locje getrokken museumtrein, ‘das farbige Bähnli-. Een schitterende tocht door een gebied met dorpjes in lintbebouwing, die soms door de straat werden doorkruist en waarbij vanwege de kwartierdienst frequent werd gekruist of ingehaald, met evenzovele fotostops. Zelfs een enkele Scheinanfahrt behoorde tot de mogelijkheden.

Op zondag 1 maart werd de reis voortgezet naar de tweede pleisterplaats Brig. Vanuit Olten duurt dat rechtstreeks twee uur, maar wij maakten een westelijke ronde, via de MOB naar Montreux, comfortabel gezeten in Pullmanrijtuigen uit de jaren dertig. In Martigny werd de reis nog onderbroken voor een kort ritje met het schitterend opgeknapte en 100 jaar oude motorrijtuig 15 van de MC, gevolgd door een depotbezoek van de museumvereniging. Fraai wat men daar in de afgelopen tien jaar heeft bereikt met slechts beperkte menskracht en financiën.

In Brig waren wij wederom in hotels direct bij het station ondergebracht en op de volgende vrije dag kon een flink aantal deelnemers worden gespot in de Zermattbahn en de Gornergratbahn. Het weer was formidabel en zo kon men bij -4 graden bij windstilte genieten op het terras op 3100 meter hoogte in de volle zon. Op dinsdag 3 maart was er bagagetransport geregeld – leve de service van de SBB! – en konden we zonder zware bepakking genieten van een trip over de Centovallibahn naar Locarno en – na passage van de Gotthardtunnel – in een sneeuwijk landschap de smalsporige reis verder naar Chur beleven.

Chur was het laatste reisdoel en hier waren twee vrije dagen ingepland. Het weer was inmiddels wisselvallig, maar op donderdag 5 maart was het weer gaan sneeuwen bij gelukkig helder weer. Uitstekende condities dus voor onze laatste excursie met een Berbinabahnstel, mw. 30 en bw. C114 (met bar!) van St. Moritz naar Poschiavo en terug. Onze conducteur kende iedere meter van de lijn en wist de dienstregeling optimaal te benutten voor interessante, merkwaardige en ook schitterende foto- en filmstops, waarbij de fotografen en filmers menigmaal bijkans verdwenen in de metershoge sneeuw. Hijzelf werd ook steeds enthousiaster en sprong als een wilde berggeit door de sneeuw, gewapend met camera en sigaartje. Men kan zich voorstellen dat de stemming er goed inzat. Met deze fraaie dag in herinnering kon men van de laatste vrije dag gaan genieten, waarbij één van de deelnemers eerst een bezoekje aan een nabijgelegen schoenenwinkel moest brengen: zijn schoeisel had namelijk het Berninavontuur niet overleefd.
De terugreis was weer ouderwets genieten van het Rijntraject tijdens een reis zonder overstappen van Chur naar Keulen en – voor velen – een hapje eten in de Zwitserse restauratie. Ook deze winterreis was weer ten einde.