Winterreis Zwitserland 2013

15 februari 2013

Een statieportret van de museumtram van Neuchâtel in Colombier, 20 februari 2013. Foto: Han Duijve.

De Ae6/6 11402 op 17 februari 2013 in het (museum-)depot van Erstfeld. Foto: Han Duijve.

Verslag Winterreis 2013

Frank Vollmuller

De jaarlijkse winterreis voerde op vrijdag 15 februari naar Zwitserland, waar een klassieke rondreis werd gemaakt onder winterse, sneeuwrijke omstandigheden. Ondanks dat in Nederland een winterdienstregeling werd gereden bereikten alle 50 deelnemers op tijd hun opstapplaats voor vertrek met de trein naar Bazel, waar werd overgestapt naar Chur. De reis door het noorden van het land ging al door sneeuwrijke winterse landschappen. De groep werd verdeeld over twee traditionele hotels in het historische centrum van deze kantonhoofdstad. Alle dagen werd gebruik gemaakt van de Swisspass. De volgende vrije dag werd deze kaart dan ook benut om vanuit Chur de Rhätische Bahn te verkennen door een rondje Graubünden te maken, sleetje te rijden in Bergün of rechtstreeks naar het romantische Arosa en het Davos van Thomas Mann te reizen.

Op zondag verplaatste de groep zich van Graubünden door een zonovergoten Wallis, het zuidelijke kanton van Zwitserland, naar het westelijke Franstalige deel van het land: het kanton Vaud. De bagage werd voor ons vervoerd: de koffers werden afgegeven bij het hotel en deze kwamen ’s avonds vervoerd door de SBB aan op onze eindbestemming. De reis door Wallis werd onderbroken voor een afsteker naar Erstfeld via een deel van de Gotthard-route. In Erstfeld staat het depot van SBB Historic. Tijdens de rondleiding daar werd verteld over de geschiedenis van deze belangrijke noord-zuidroute door de Alpen. In het depot zijn Ae 6/6-en, een Ae 8/14 (240 ton staal) en een Ce 6/8 Krokodil te zien. Na een lange overstap in Aigle werd met de Transports Publics du Chablais de volgende verblijfplaats Leysin bereikt. Leysin is een wintersportplaats gelegen op 1200 meter hoogte. Op de vrije dag in deze wintersportplaats hebben veel deelnemers de spoorlijnen vanuit Aigle en Martigny bezocht. Maar vanuit Leysin gingen enkelen ook naar Genève of zelfs Chamonix in Frankrijk.

Vanuit Leysin werd de reis een dag later vervolgd via Montreux, Montbovon en Bulle naar Bern met de Transports Publics Fribourgeois. De aankomst in de hoofdstad van Zwitserland was aan het begin van de middag. Er was daarmee voldoende tijd deze dag nog de uitbreidingen van het tramnet te berijden of de Bondsstad te bekijken. Het westelijk Franstalige deel werd woensdag bezocht met een reis naar Neuchâtel. Er was voor ons een extra tramrit naar Boudry gedeeltelijk langs het grootste Zwitserse binnenlandse meer met een tram samengesteld uit historisch materieel. Er werd gereden tussen de normale trams die opvallend matig bezet waren. De reis werd vervolgd naar het Val-de-Travers. Hierbij werd gereden over de lijn naar de grensplaats Les Verrieres waar tweemaal per dag een TGV over rijdt naar Frankrijk. Het depot van de vereniging Vapeur Val-de Travers werd bezocht. De vereniging bezit stoomlocomotieven uit diverse landen. Op de terugweg werd culinair genoten van een klassiek Zwitserse fondue in een rijtuig dat werd gekoppeld aan de trein terug naar Neuchâtel.

Na het verblijf in Bern vond een excursie plaats in het noorden van Zwitserland. Op het station werden de koffers weer afgegeven. In Olten stond een zeer bijzondere trein voor ons klaar: de legendarische Roter Pfeil (RAe 2/4). Via Pratteln (bij Basel) werd gereden langs Rijn, die hier grensrivier met Duitsland is naar Koblenz (CH). Na de lunch ging de rit verder via Turgi en Aarau terug naar Olten. Na het ophalen van de koffers in Bern werd doorgereisd naar de uitvalsbasis voor het Berner Oberland en het Jungfraugebied: Interlaken. De vrije dag werd dan ook door velen gebruikt om het Jungfraugebied te verkennen met een rondrit via Grindelwald of Lauterbrunnen naar Kleine Scheidegg. Van hieruit is het mogelijk naar het hoogste station van Europa te reizen: Jungfraujoch, gelegen op 3.454 m.
Voor de laatste excursie op zaterdag werd per stoom langs de Brienzersee naar Meiringen gereden en met een tandradstoomlok tot de Brünigpas om vervolgens met een historische e-lok Giswil te bereiken. In de trein werd de verwarming niet gebruikt. Om het toch wat warm te hebben waren in de trein dekens aanwezig waaronder het gezellig toeven was. Na deze laatste excursie was het weer tijd om naar Nederland terug te keren, wat op zondag 24 februari dan ook gebeurde.

Bekijk ook het verslag van
twee deelnemers.

De Be4/4 1 bracht de trein (met restauratie voor de fondue) terug naar Neuchatel. Foto: Han Duijve.

In Gelterkinden wordt de Roter Pfeil ingehaald door een TGV, 21 februari 2013. Foto: Han Duijve.

Een kerncentrale vormt een bijzondere achtergrond in Full. Foto: Han Duijve.

Met veel spektakel maakt stoomlok G3/4 208 in Oberried een schijnvertrek, 23 februari 2013. Foto: Han Duijve.

Tandradlok HG3/3 1067 in echte winterse omstandigheden op de Brünigpas. Foto: Han Duijve.

Museum e-lok Deh4/6 914 staat klaar voor vertrek in Giswil. Foto: Han Duijve.