Huishoudelijk Reglement
Huishoudelijk reglement van de Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en Tramwegwezen
I. Leden, junioren en begunstigden
1. Opgave als lid van de vereniging geschiedt bij de penningmeester van
het Hoofdbestuur door middel van het daartoe bestemde
aanmeldingsformulier, onder gelijktijdige overmaking van de
verschuldigde contributie op de daartoe bestemde (post)bankrekening.
2. Degene die zich opgeeft als lid, junior dan wel begunstiger vermeldt
op het aanmeldingsformulier zijn naam, voornamen, geboortedatum en -
plaats adres en woonplaats en dateert en ondertekent dat formulier.
Hij zendt het formulier naar het daarop vermelde adres van de vereniging
of stelt het in handen van een functionaris van de vereniging
teneinde dit naar dat adres door te zenden.
3. De penningmeester vermeldt op het aanmeldingsformulier de datum van
ontvangst van de contributie en zendt het ter verwerking naar de
ledenadministrateur, genoemd in artikel 10 van dit reglement. Deze
controleert het aanmeldingsformulier op zijn volledigheid en vraagt
zo nodig om aanvulling. De ledenadministrateur doet na afloop van
iedere maand opgave aan het Hoofdbestuur van ingekomen aanmeldingen
en vermeldt daarbij of aan de formele vereisten voor toelating als
lid, junior dan wel begunstiger is voldaan. Het Hoofdbestuur beslist
in zijn volgende vergadering over de toelating als lid, junior dan
wel begunstiger van de aldus opgegeven personen en stelt de
ledenadministrateur van die beslissing in kennis. Het Hoofdbestuur
kan de beslissing over toelating aanhouden indien naar zijn oordeel
nader moet wordt onderzocht of de desbetreffende persoon als lid,
junior dan wel begunstiger kan worden toegelaten.
Indien een persoon niet als lid, junior dan wel begunstiger wordt
toegelaten, wordt die beslissing hem schriftelijk door de secretaris
van het Hoofdbestuur medegedeeld en wordt de ontvangen contributie
aan hem gerestitueerd. Indien een persoon wel als lid, junior dan wel
begunstiger wordt toegelaten, ontvangt hij van de ledenadministrateur
een lidmaatschapskaart, waarop zijn vermeld de naam en voorletters,
het adres, de woonplaats en het lidmaatschapsnummer van het lid. Deze
lidmaatschapskaart wordt geldig door ondertekening door het lid,
junior dan wel begunstiger.
De naam van een toegelaten lid, junior dan wel begunstiger wordt
onder vermelding van zijn woonplaats en zijn
lidmaatschapsnummer in "Op de Rails" gepubliceerd.
4. De in de artikelen 1 tot en met 3 van dit reglement weergegeven
procedure vindt zoveel mogelijk overeenkomstige toepassing op de
aanmelding en toelating van buitengewone leden.
5. Junioren worden bij het bereiken van de leeftijd van veertien jaar
als gewoon lid aangemerkt.
6. Junioren en begunstigers hebben alle rechten en verplichtingen van
gewone leden, uitgezonderd de rechten, genoemd in artikel 43 van de
statuten. Het Hoofdbestuur kan begunstigers op hun verzoek toegang
tot de algemene ledenvergadering verlenen.
II. Hoofdbestuur
7. De voorzitter leidt de vergaderingen van het Hoofdbestuur. Bij
ontstentenis wordt hij vervangen door de vice-voorzitter. Is ook deze
verhinderd dan wordt in onderling overleg ‚‚n van de andere leden van
het Hoofdbestuur met de leiding belast.
8. De secretaris is verantwoordelijk voor de oproepingen voor de
algemene ledenvergadering en de vergaderingen van het Hoofdbestuur,
voor het maken van de notulen van die vergaderingen, voor het
bestuurlijk archief van de vereniging, voor het samenstellen van het
jaarverslag van de vereniging en voor de roosters van aftreden van
het Hoofdbestuur en van alle andere besturen en commissies die in de
statuten of in dit reglement worden genoemd. De secretaris is voorts
belast met de correspondentie, voor zover die niet ingevolge artikel
30 van de statuten of in onderling overleg aan één van de andere
leden van het Hoofdbestuur is opgedragen.
9. De penningmeester is verantwoordelijk voor het beheer en de
financiële administratie van alle geldmiddelen van de vereniging,
voor het toezicht op en de deugdelijke verzekering van de eigendommen
van de vereniging, voor de overige noodzakelijke verzekeringen, voor
het financiële toezicht op de exploitatie van het tijdschrift en
andere publicaties, de diensten, de afdelingen en secties, voor de
samenstelling van het financiële jaarverslag van de vereniging,
daaronder begrepen de samentrekking van de jaarverslagen van de
diensten, afdelingen en secties, en voor het tijdig innen van de
contributies en bijdragen.
10. De penningmeester wordt bijgestaan door een ledenadministrateur, die
op voordracht van de penningmeester door het Hoofdbestuur wordt
benoemd. Hij verzorgt onder leiding en verantwoordelijkheid van de
penningmeester de ledenadministratie. De benoeming als
ledenadministrateur kan door het Hoofdbestuur op elk moment worden
ingetrokken. Bij ontstentenis van de ledenadministrateur wordt hij
vervangen door een door de penningmeester aan te wijzen lid van de
vereniging of door de penningmeester zelf.
Het Hoofdbestuur kan nadere regels stellen omtrent de ledenadministratie.
11. De ledenadministrateur is belast met de samenstelling van de
ledenlijst. Deze lijst wordt niet aan niet-leden ter inzage gegeven
of verstrekt, tenzij een wettelijk voorschrift daartoe noopt. Het
Hoofdbestuur kan besluiten deze lijst geheel of gedeeltelijk ter
beschikking te stellen aan functionarissen van de vereniging ten
behoeve van hun werkzaamheden. Leden hebben in deze lijst slechts
inzage onder door het Hoofdbestuur vast te stellen voorwaarden.
12. Het Hoofdbestuur kan regels stellen en aanwijzingen geven omtrent het
beheer van de geldmiddelen en de inrichting van de financiële
administratie van de vereniging.
13. Het Hoofdbestuur regelt overeenkomstig het bepaalde in artikel 30 van
de statuten in onderling overleg zijn werkzaamheden en maakt de
taakverdeling zo spoedig mogelijk na vaststelling in "Op de Rails"
bekend.
14. Het Hoofdbestuur kan besluiten dat zijn vergadering, geheel of
gedeeltelijk, wordt bijgewoond door personen die geen lid zijn van
het Hoofdbestuur. Deze personen hebben evenwel geen stemrecht.
15. Het Hoofdbestuur stelt regels omtrent vergoeding van kosten die door
functionarissen van de vereniging in de uitoefening van hun functie
zijn gemaakt.
III. Algemene Ledenvergadering
16. De voorzitter van het Hoofdbestuur is belast met de leiding van de
algemene ledenvergadering. Bij ontstentenis wordt hij vervangen door
de vice-voorzitter. Is ook hij verhinderd dan is één van de andere
leden van het Hoofdbestuur, niet zijnde de secretaris of
penningmeester, met de leiding belast.
17. De voorzitter kan de volgorde van de agendapunten wijzigen, indien
hij dat nodig acht. Voorts kan hij de beraadslagingen zo nodig
bekorten en alle maatregelen nemen die hij nodig acht om de orde te
handhaven.
18. De secretaris van het Hoofdbestuur draagt er zorg voor dat van het
houden van een algemene ledenvergadering uiterlijk twee maanden voor
de maand waarin die algemene ledenvergadering wordt gehouden,
mededeling wordt gedaan in "Op de Rails", waarbij in ieder geval
worden vermeld de plaats, de datum en het aanvangstijdstip van de
vergadering en de te behandelen agendapunten, alsmede de termijn
bedoeld in artikel 21 van dit reglement. De mededeling in "Op de
Rails" kan in spoedeisende gevallen worden vervangen door een
rondschrijven aan de leden van de vereniging.
19. De agenda van de gewone algemene ledenvergadering, bedoeld in artikel
38 van de statuten, bevat in ieder geval de volgende onderwerpen:
a. de vaststelling van de notulen van de voorafgaande gewone
algemene ledenvergadering, alsmede van een eventuele
buitengewone ledenvergadering;
b. het jaarverslag van de secretaris;
c. de rekening en verantwoording van de penningmeester over het
voorafgaande verenigingsjaar;
d. de begroting voor het lopende verenigingsjaar;
e. het verslag van de kascommissie, bedoeld in artikel 52 van de
statuten;
f. het verlenen van décharge aan de penningmeester op grond van
het in punt e. genoemde verslag;
g. de verslagen van de diensten, bedoeld in hoofdstuk VIII van de
statuten, alsmede van de redactie van "Op de Rails" en de
stichting NVBS-Excursies;
h. het verslag van het lid van het Hoofdbestuur dat is belast met
het toezicht op de afdelingen en secties;
i. het verlenen van décharge aan het Hoofdbestuur over het in het
voorafgaande verenigingsjaar gevoerde beleid;
j. de vaststelling van het aantal leden van het Hoofdbestuur;
k. de verkiezing van nieuwe leden van het Hoofdbestuur;
l. de aanwijzing van een voorzitter van het Hoofdbestuur;
m. de vaststelling van de contributie voor het volgende
verenigingsjaar;
n. de benoeming van leden en plaatsvervangende leden van de
kascommissie;
o. de benoeming van leden en plaatsvervangende leden van de
geschillencommissie;
p. de voorstellen die ingevolge het bepaalde in artikel 21 van dit
reglement zijn ingediend;
q. de rondvraag.
20. De agenda van buitengewone algemene ledenvergaderingen wordt,
behoudens het gestelde in artikel 42 van de statuten, door het
Hoofdbestuur vastgesteld.
21. Voorstellen over onderwerpen die niet in artikel 19 van dit reglement
zijn genoemd, kunnen binnen een door het Hoofdbestuur te bepalen
termijn door tenminste vijftig leden worden ingediend bij het
Hoofdbestuur. Deze voorstellen worden, zo nodig in verkorte vorm, in
"Op de Rails" of door middel van een rondschrijven aan de leden
bekend gemaakt.
22. Ter algemene ledenvergadering kunnen geen onderwerpen worden
behandeld die niet op de agenda staan.
23. Behoudens de stemmingen ingevolge het bepaalde in de artikelen 45, 76
en 77 van de statuten, geschieden stemmingen bij acclamatie of door
middel van handopsteken. Een stemming geschiedt echter schriftelijk
indien voorafgaande aan het agendapunt tenminste tien leden daar om
vragen. Een schriftelijke stemming geschiedt onder leiding van een
stemcommissie, bestaande uit drie door de algemene vergadering aan te
wijzen meerderjarige leden.
24. Indien voor de vervulling van een vacature in het Hoofdbestuur of
voor de functie van voorzitter van het Hoofdbestuur meer dan ‚‚n
kandidaat is voorgedragen, dan geschiedt de stemming schriftelijk
overeenkomstig het bepaalde in het vorige artikel. Indien de stemmen
staken, dan vindt een herstemming plaats. Indien de stemmen dan weer
staken, beslist het lot.
25. De notulen van een algemene ledenvergadering worden in de vergadering
waarin zij worden vastgesteld, na goedkeuring en vaststelling staande
de vergadering getekend door degenen die in de die vergadering als
voorzitter en secretaris optreden.
IV. Tijdschrift 'Op de Rails'
26. Het door de vereniging uit te geven tijdschrift "Op de Rails" bevat:
a. mededelingen van het Hoofdbestuur;
b. mededelingen van andere onderdelen van de vereniging;
c. bijdragen van leden en niet-leden over onderwerpen betreffende spoor-
en tramwegen;
d. bijdragen van de redactie;
e. advertenties.
27. De samenstelling van "Op de Rails" geschiedt door een redactie die
bestaat uit een hoofdredacteur en ten hoogste acht redacteuren. Zij
worden voor een periode van vier jaar benoemd en kunnen na afloop
telkens voor eenzelfde periode worden herbenoemd. De hoofdredacteur
wordt door het Hoofdbestuur benoemd uit de meerderjarige leden van de
vereniging. De redacteuren worden op voordracht van de hoofdredacteur
door het Hoofdbestuur benoemd uit de leden van de vereniging.
28. De hoofdredacteur is belast met de leiding van de redactie. Hij leidt
de redactievergaderingen en vertegenwoordigt de redactie binnen de
vereniging. Hij wordt bij afwezigheid vervangen door een daartoe door
hem aangewezen redacteur. Die aanwijzing behoeft de goedkeuring van
het Hoofdbestuur.
29. De redactie kan zich doen bijstaan door een of meer medewerkers. De
hoofdredacteur stelt het Hoofdbestuur op de hoogte van de aanwijzing
van medewerkers. Die aanwijzing kan op elk moment door de
hoofdredacteur worden beëindigd. Ook daarvan doet hij mededeling aan
het Hoofdbestuur.
30. De benoeming van de hoofdredacteur en van een redacteur eindigt:
a. bij het einde van de benoemingstermijn;
b. door ontheffing uit de functie door het hoofdbestuur of door de
algemene ledenvergadering;
c. door bedanken door de functionaris;
d. door beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging.
Ontheffing kan plaatsvinden indien betrokkene het belang van de
vereniging schaadt of indien dat nodig is voor het goed functioneren
van de redactie. Ontheffing geschiedt schriftelijk en is met redenen
omkleed. Het Hoofdbestuur geeft van zijn besluit tot ontheffing
kennis aan de algemene ledenvergadering.
Bij het einde van de benoemingstermijn blijft de hoofdredacteur aan
tot in zijn opvolging is voorzien, doch ten hoogste zes maanden, een
en ander tenzij het Hoofdbestuur anders beslist.
31. De hoofdredacteur en een redacteur kunnen door het Hoofdbestuur voor
ten hoogste drie maanden worden geschorst, indien zij de belangen van
de vereniging schaden of indien dat nodig is voor het goed
functioneren van de redactie. De schorsing kan een keer voor een
periode van ten hoogste drie maanden worden verlengd. De schorsing
kan mondeling geschieden, maar dient binnen een week schriftelijk en
met redenen omkleed te worden bevestigd. Het Hoofdbestuur neemt zo
spoedig mogelijk een besluit over eventueel te nemen maatregelen.
De hoofdredacteur kan een redacteur schorsen. Hij brengt die
schorsing onverwijld ter kennis van het Hoofdbestuur dat zo spoedig
mogelijk een besluit neemt over voortzetting van de schorsing en over
eventuele andere maatregelen.
Betrokkene wordt zo spoedig mogelijk in de gelegenheid gesteld te
worden gehoord door het Hoofdbestuur.
32. Degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 31 van dit
reglement is geschorst of overeenkomstig het bepaalde in artikel 30
van dit reglement door het Hoofdbestuur uit zijn functie is ontheven,
kan daartegen in beroep gaan bij de geschillencommissie, bedoeld in
hoofdstuk X van de statuten.
33. De kosten van "Op de Rails" worden bestreden uit de algemene middelen
van de vereniging, uit de advertentieopbrengsten en uit bijdragen van
derden die bestemd zijn om een bepaalde publicatie in "Op de Rails"
mogelijk te maken. De laatstgenoemde bijdragen worden met naamsvermelding
als bijzondere bate in de jaarrekening van de vereniging verantwoord.
De advertentietarieven worden op voordracht van de redactie door het
Hoofdbestuur vastgesteld.
34. De redactie is bevoegd om mededelingen als bedoeld in artikel 26
onder a. en b. van dit reglement in te korten, taalkundig te
bewerken, te bepalen in welk nummer zij worden opgenomen, met
uitzonderingen van de oproep, de agenda en andere mededelingen ten
behoeve van een algemene ledenvergadering en van andere mededelingen
door het Hoofdbestuur, indien het Hoofdbestuur schriftelijk verklaart
dat die onverkort en/of in een bepaald nummer van "Op de Rails"
opgenomen moeten worden.
35. De redactie is bevoegd bijdragen als bedoeld in artikel 26 onder c.
van dit reglement in te korten, in afleveringen te publiceren, te
bewerken en, indien het een bijdrage in een andere taal betreft, te
(doen) vertalen in het Nederlands. Over andere dan taalkundige
wijzigingen wordt zoveel mogelijk overleg gepleegd met de auteur.
36. Inzending van een bijdrage aan de redactie veronderstelt toestemming
tot openbaarmaking en verveelvoudiging daarvan in "Op de Rails" en in
andere publicaties van de vereniging.
V. Geldmiddelen
37. Onverminderd het bepaalde in artikel 3 van dit reglement ontvangt een
lid na betaling van de contributie voor een verenigingsjaar van de
ledenadministrateur voor dat jaar een lidmaatschapskaart, waarop zijn
vermeld de naam en voorletters, het adres, de woonplaats en het
lidmaatschapsnummer van het lid. Deze lidmaatschapskaart wordt geldig
door ondertekening door het lid.
38. De leden van de kascommissie, bedoeld in artikel 52 van de statuten,
worden door de algemene ledenvergadering aangewezen voor de periode
lopende van de gewone algemene ledenvergadering waarin zij zijn
aangewezen, tot de eerste daaropvolgende gewone algemene
ledenvergadering. Ieder jaar worden door de algemene
ledenvergadering eveneens twee plaatsvervangende leden voor de duur
van één jaar benoemd. Leden en plaatsvervangende leden van de
kascommissie zijn telkens herkiesbaar.
Indien een lid van de kascommissie voor het einde van zijn
benoemingstermijn defungeert of gedurende langere tijd niet in staat
is zijn taak te vervullen, wordt hij tot de volgende algemene
ledenvergadering vervangen door een plaatsvervangend lid.
39. De aanwijzing van een lid of een plaatsvervangend lid van de
kascommissie eindigt:
a. bij het einde van de in artikel 38 van dit reglement genoemde
periode;
b. door ontheffing uit de functie door de algemene ledenvergadering;
c. door bedanken door de functionaris;
d. door beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging.
Ontheffing kan plaatsvinden indien betrokkene het belang van de
vereniging schaadt of indien ontheffing nodig is voor het goed
functioneren van de kascommissie.
40. De kascommissie controleert jaarlijks:
a. het beheer van de geldmiddelen en de financiële administratie
door de penningmeester van het Hoofdbestuur, zijn rekening en
verantwoording daarover, alsmede alle relevante bescheiden, die
onder zijn berusting zijn, waaronder de stukken genoemd in de
artikelen 9 en 11 van dit reglement;
b. het beheer van de geldmiddelen en de financiële administratie
door de diensten die door een bestuur worden geleid.
De kascommissie controleert het beheer van de geldmiddelen en de
financiële administratie door de overige diensten en de afdelingen en
de secties tenminste éénmaal per vier jaar.
41. De kascommissie doet jaarlijks van haar bevindingen verslag aan de
algemene ledenvergadering, bedoeld in artikel 19 van dit reglement,
en kan zo nodig maatregelen voorstellen. Zij kan daarbij een oordeel
geven over het financiële beleid.
De kascommissie kan, indien zij daartoe aanleiding vindt, tussentijds
het Hoofdbestuur van haar bevindingen in kennis stellen en zo nodig
maatregelen voorstellen.
42. De begroting, bedoeld in artikel 19 onder d. van dit reglement, is
een raming van de ontvangsten en uitgaven van de vereniging. Indien
dat nodig is voor een goede vervulling van de taak van de vereniging,
kan een begrotingspost, na verkregen toestemming van het
Hoofdbestuur, worden overschreden.
VI. Bijeenkomsten
43. Het Hoofdbestuur kan bijeenkomsten organiseren. Deze worden tijdig in
"Op de Rails" of per rondschrijven aan de leden bekend gemaakt.
44. Het Hoofdbestuur kan de deelname aan een bijeenkomst openstellen voor
niet-leden van de vereniging. Op deze deelnemers zijn de regels van
de vereniging van overeenkomstige toepassing. Aan niet-leden die
willen deelnemen aan een bijeenkomst, kunnen aanvullende voorwaarden
worden gesteld.
45. Aanmelding voor een bijeenkomst geschiedt:
a. indien geen bijdrage is verschuldigd: door schriftelijke
aanmelding bij de secretaris van het Hoofdbestuur of bij een
daartoe aangewezen lid van de vereniging;
b. indien wel een bijdrage is verschuldigd: door storting of
overmaking van het verschuldigde bedrag op de daartoe bestemde
(post)bankrekening van de vereniging binnen de daartoe gestelde
termijn.
Het Hoofdbestuur kan voor een bijeenkomst een andere wijze van
aanmelding vaststellen. Deze wordt dan vermeld in de bekendmaking,
bedoeld in artikel 43 van dit reglement.
46. Het Hoofdbestuur kan deelname aan een bijeenkomst weigeren:
a. bij niet tijdige aanmelding;
b. indien een aanmelding voor een eerdere bijeenkomst zonder goede
reden niet gestand is gedaan;
c. bij een groter aantal aanmeldingen dan plaatsen.
47. De kosten van een bijeenkomst worden bestreden uit de bijdragen van
de deelnemers. Het Hoofdbestuur kan besluiten uit de algemene
middelen van de vereniging bij te dragen in de kosten van een
bijeenkomst.
Indien de kosten van een bijeenkomst achteraf hoger blijken te zijn
dan de geraamde kosten, kunnen de deelnemers niet worden aangesproken
tot betaling van een aanvulling op de vastgestelde
deelnemersbijdrage.
Indien de kosten van een bijeenkomst vooraf hoger blijken te zijn dan
de aanvankelijk geraamde kosten of indien er minder deelnemers dan
geraamd blijken te zijn, kan tot een week voor de aanvang van de
bijeenkomst aan de deelnemers een aanvulling op de deelnemersbijdrage
worden gevraagd. De deelnemer die deze aanvulling niet wenst te
betalen, kan zich terugtrekken en ontvangt de reeds betaalde bijdrage
terug.
48. Het Hoofdbestuur kan voor de toelating tot een bijeenkomst nadere
regels stellen, zoals ten aanzien van de aanmelding, de betaling, het
aantal deelnemers en de selectie bij een groter aantal aanmeldingen
dan plaatsen.
49. De leiding van een bijeenkomst berust bij een lid van het
Hoofdbestuur of bij een door het Hoofdbestuur aangewezen meerderjarig
lid van de vereniging.
VII. Diensten
50. Het Hoofdbestuur stelt bij de oprichting van een dienst vast:
a. de naam;
b. de taak;
c. de bestuursvorm;
d. de plaats van vestiging;
e. de wijze waarop de kosten van de dienst worden bestreden.
Het Hoofdbestuur kan deze, na overleg met het bestuur c.q. de
beheerder van de dienst, wijzigen.
51. Van de oprichting, de wijziging van de in artikel 50 van dit
reglement genoemde punten, en de opheffing van een dienst, alsmede
van de personele mutaties in de leiding van een dienst geeft het
Hoofdbestuur kennis aan de algemene ledenvergadering.
52. Een dienst wordt geleid door een bestuur of door een beheerder. Het
bestuur c.q. de beheerder is verantwoording verschuldigd aan het
Hoofdbestuur.
53. Het bestuur van een dienst is verantwoordelijk voor de goede gang van
zaken binnen zijn dienst.
Een bestuur bestaat tenminste uit drie en ten hoogste uit vijf
meerderjarige leden van de vereniging, onder wie steeds een
voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De overige taken
worden in onderling overleg verdeeld.
De voorzitter van het bestuur is belast met de leiding van de
vergaderingen van de dienst en vertegenwoordigt de dienst binnen de
vereniging. De secretaris is belast met de secretariële
werkzaamheden, waaronder het notuleren van de vergaderingen, het
verzorgen van de correspondentie en het beheer van het
bestuursarchief. De penningmeester beheert de geldmiddelen en
verzorgt de financiële administratie. De voorzitter, de secretaris en
de penningmeester van het bestuur worden bij afwezigheid vervangen
door een ander bestuurslid.
54. De beheerder van een dienst is verantwoordelijk voor de goede gang
van zaken binnen zijn dienst. Hij geeft leiding aan de dienst en
vertegenwoordigt de dienst binnen de vereniging. Hij verricht de
secretariële werkzaamheden, beheert de geldmiddelen en verzorgt de
administratie. Hij wordt bij diens afwezigheid vervangen door een lid
van de vereniging dat op zijn voordracht daartoe door het
Hoofdbestuur wordt aangewezen.
55. De beheerder en de bestuursleden worden door het Hoofdbestuur voor
een periode van vier jaar benoemd en kunnen na afloop telkens voor
eenzelfde periode worden herbenoemd.
Bij ontstentenis van een bestuur c.q. een beheerder wordt de dienst
geleid door een of meer leden van het Hoofdbestuur.
56. De benoeming van een bestuurslid en een beheerder van een dienst
eindigt:
a. bij het einde van de benoemingstermijn;
b. door ontheffing uit de functie door het Hoofdbestuur;
c. door bedanken door de functionaris;
d. door beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging.
Bij het einde van de benoemingstermijn blijft de beheerder aan tot in
zijn opvolging is voorzien, doch ten hoogste zes maanden, een en
ander tenzij het Hoofdbestuur anders beslist. Hetzelfde geldt voor
een bestuurslid indien anders minder dan drie bestuursleden
overblijven.
Ontheffing kan plaatsvinden indien betrokkene het belang van de
vereniging schaadt, indien hij zich niet houdt aan de aanwijzingen of
besluiten van het Hoofdbestuur of van de algemene ledenvergadering,
of indien ontheffing nodig is voor het goed functioneren van de
dienst. Ontheffing geschiedt schriftelijk en is met redenen omkleed.
Het Hoofdbestuur geeft de algemene ledenvergadering kennis van de
ontheffing.
57. Aan een dienst kunnen medewerkers zijn verbonden. Zij worden op
voordracht van het bestuur c.q. de beheerder van de dienst aangewezen
door het Hoofdbestuur. Die aanwijzing geldt voor onbepaalde tijd,
maar kan op elk moment, het bestuur c.q. de beheerder van de dienst
gehoord, door het Hoofdbestuur worden beëindigd.
58. Een bestuurslid, een beheerder of een medewerker van een dienst
kunnen door het Hoofdbestuur voor een periode van ten hoogste drie
maanden worden geschorst, indien hij de belangen van de vereniging
schaadt, indien hij zich niet houdt aan de aanwijzingen of besluiten
van het Hoofdbestuur of van de algemene ledenvergadering, of indien
dat nodig is voor het goed functioneren van de dienst. De schorsing
kan één keer voor een periode van ten hoogste drie maanden worden
verlengd. De schorsing kan mondeling geschieden, maar dient binnen
een week schriftelijk en met redenen omkleed te worden bevestigd. Het
Hoofdbestuur neemt zo spoedig mogelijk een besluit over eventueel te
nemen maatregelen.
Het bestuur c.q. de beheerder kan een medewerker van een dienst
schorsen. Zij brengen die schorsing onverwijld ter kennis van het
Hoofdbestuur dat zo spoedig mogelijk een besluit neemt over
voortzetting van de schorsing en eventuele andere maatregelen.
Betrokkene wordt zo spoedig mogelijk in de gelegenheid gesteld te
worden gehoord door het Hoofdbestuur.
59. Degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 58 van dit
reglement is geschorst of overeenkomstig het bepaalde in de artikelen
56 of 57 van dit reglement uit zijn functie is ontheven, kan
daartegen in beroep gaan bij de geschillencommissie, bedoeld in
hoofdstuk X van de statuten.
60. De kosten van diensten met een taak die geen inkomsten genereert,
worden bestreden uit de algemene middelen van de vereniging.
61. De kosten van de overige diensten worden in beginsel bestreden uit de
inkomsten die door de desbetreffende dienst worden gegenereerd. Het
Hoofdbestuur kan besluiten ook deze diensten uit de algemene middelen
van de vereniging te ondersteunen.
62. De tarieven die een dienst voor zijn werkzaamheden in rekening
brengt, behoeven de goedkeuring van het Hoofdbestuur, tenzij die
tarieven blijven binnen terzake door het Hoofdbestuur voor de
desbetreffende dienst vastgestelde richtlijnen.
63. Het bestuur c.q. de beheerder zendt jaarlijks uiterlijk in de maand
februari, ter goedkeuring, aan de penningmeester van het Hoofdbestuur
een begroting voor het lopende verenigingsjaar en de rekening en
verantwoording over het afgelopen verenigingsjaar van de dienst,
onder gelijktijdige toezending van een afschrift daarvan aan de
kascommissie.
Het bestuur c.q. de beheerder zendt voorts tegelijkertijd een
jaarverslag van de dienst aan het lid van het Hoofdbestuur dat is
belast met het toezicht op de dienst.
Een dienst die geheel of grotendeels wordt gefinancierd uit de
algemene middelen van de vereniging, kan door de penningmeester van
het Hoofdbestuur van het opstellen van een begroting worden
vrijgesteld.
64. Een dienst wordt door het Hoofdbestuur opgeheven na een daartoe
strekkend besluit van de algemene ledenvergadering.
65. Het Hoofdbestuur kan nadere regels stellen omtrent het bestuur, de
organisatie, de werkwijze en de financiën van een dienst.
Het bestuur c.q. de beheerder van een dienst kan regels stellen
omtrent de werkwijze van de dienst. Deze regels behoeven de
goedkeuring van het Hoofdbestuur.
66. Als een dienst op de voet van artikel 80 van de statuten is
ondergebracht in een rechtspersoon, dienen de statuten, het
huishoudelijk reglement en de eventuele andere regelingen van die
rechtspersoon zoveel mogelijk in overeenstemming zijn met het
bepaalde in dit Hoofdstuk van dit reglement.
VIII. Afdelingen en Secties
67. Op verzoek van tenminste veertig leden kan door het Hoofdbestuur een
afdeling worden opgericht, een sectie op verzoek van tenminste tien
leden.
68. Het Hoofdbestuur stelt bij de oprichting van een afdeling of sectie
vast:
a. de naam;
b. het geografische dan wel het interessegebied;
c. de bestuursvorm.
Het Hoofdbestuur kan deze, na overleg met het bestuur c.q. de
sectieleider, wijzigen.
69. Van de oprichting, de wijziging van de in artikel 68 van dit
reglement genoemde punten, de samenvoeging en de opheffing van een
afdeling of sectie, alsmede van de personele mutaties in de leiding
van een afdeling of sectie geeft het Hoofdbestuur kennis aan de
algemene ledenvergadering.
70. Leden van een afdeling of sectie zijn de leden van de vereniging die
binnen het gebied van de afdeling of sectie woonachtig zijn, en
andere leden van de vereniging die zich bij het afdelingsbestuur c.q.
de sectieleider hebben aangemeld.
Leden van een afdeling of sectie op een bepaald interessegebied zijn
de leden van de vereniging die zich bij het bestuur van die afdeling
c.q. de sectieleider hebben aangemeld.
71. Een afdeling wordt geleid door een bestuur. Een bestuur bestaat
tenminste uit drie en ten hoogste uit vijf leden, onder wie steeds
een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De overige
taken worden in onderling overleg verdeeld.
Het bestuur dient zich te houden aan de aanwijzingen of besluiten van
het Hoofdbestuur en de algemene ledenvergadering.
72. Het bestuur van een afdeling is verantwoordelijk voor de goede gang
van zaken binnen zijn afdeling.
De voorzitter van het bestuur is belast met de leiding van de
vergaderingen van de afdeling en vertegenwoordigt de afdeling binnen
de vereniging.
De secretaris is belast met de secretariële werkzaamheden, waaronder
het notuleren van de vergaderingen, het verzorgen van de
correspondentie, het mededelen van de mutaties aan het Hoofdbestuur
en het beheer van het bestuursarchief. De voorzitter, de secretaris
en de penningmeester van het bestuur worden bij afwezigheid vervangen
door een ander bestuurslid.
73. Een sectie wordt geleid door een sectieleider. Hij wordt bijgestaan
door een assistent-sectieleider, die hem bij afwezigheid vervangt.
De sectieleider is verantwoordelijk voor de goede gang van zaken
binnen zijn sectie. Hij is belast met de leiding van de sectie en
vertegenwoordigt de sectie binnen de vereniging. Hij is belast met de
secretariële werkzaamheden, het mededelen van de mutaties aan het
Hoofdbestuur, met het beheer van de geldmiddelen en met de administratie.
Hij kan bepaalde taken aan de assistent-sectieleider
delegeren.
Hij dient zich te houden aan de aanwijzingen en besluiten van het
Hoofdbestuur en van de algemene ledenvergadering.
74. De bestuursleden van een afdeling, de sectieleider en de assistent-
sectieleider worden door de afdelingsvergadering respectievelijk de
sectievergadering voor een periode van vier jaar uit de leden van de
afdeling c.q. sectie gekozen. Het jaar van verkiezing telt daarbij
als het eerste jaar. Zij zijn na afloop van die termijn telkens voor
eenzelfde periode herkiesbaar. Het aantal minderjarige bestuursleden
bedraagt ten hoogste één en, indien het bestuur uit vijf leden
bestaat, ten hoogste twee. De voorzitter en de penningmeester moeten
meerderjarig zijn. De sectieleider en de assistent-sectieleider
moeten meerderjarig zijn.
75. Bij ontstentenis van een bestuur c.q. een sectieleider en een
assistent-sectieleider wordt de afdeling of sectie geleid door een of
meer door het Hoofdbestuur aan te wijzen meerderjarige leden van de
vereniging. Deze aanwijzing geldt voor hoogstens een jaar. Als binnen
die periode niet in de vacatures is voorzien, wordt de afdeling c.q.
sectie door het Hoofdbestuur opgeheven.
Het Hoofdbestuur gaat niet tot ontbinding over alvorens een afdelings-
c.q. sectievergadering bijeen te hebben geroepen teneinde in de
vacature te voorzien.
76. De benoeming van een bestuurslid van een afdeling, de sectieleider en
de assistent-sectieleider eindigt:
a. bij het einde van de benoemingstermijn;
b. door ontheffing door het Hoofdbestuur uit de functie;
c. door bedanken door de functionaris;
d. door beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging.
Bij het einde van de benoemingstermijn blijft een sectieleider bij
het ontbreken van een assistent-sectieleider of omgekeerd aan tot in
zijn opvolging is voorzien, doch ten hoogste zes maanden, een en
ander tenzij het Hoofdbestuur anders beslist.
Ontheffing kan plaatsvinden, indien hij zich niet houdt aan de
aanwijzingen of besluiten van het Hoofdbestuur of de algemene
ledenvergadering, indien betrokkene het belang van de vereniging,
afdeling of sectie schaadt of indien ontheffing nodig is voor het
goed functioneren van de afdeling of sectie. Ontheffing geschiedt
schriftelijk en is met redenen omkleed. Het Hoofdbestuur geeft de
algemene ledenvergadering kennis van de ontheffing.
77. Een bestuurslid van een afdeling, een sectieleider of een assistent-
sectieleider kan door het Hoofdbestuur voor een periode van drie
maanden worden geschorst, indien hij zich niet houdt aan de
aanwijzingen of besluiten van het Hoofdbestuur of van de algemene
ledenvergadering, indien hij de belangen van de vereniging, de
afdeling of sectie schaadt dan wel indien schorsing nodig is voor het
goed functioneren van de afdeling of sectie. De schorsing kan een
keer voor een periode van drie maanden worden verlengd. De schorsing
kan mondeling geschieden, maar dient binnen een week schriftelijk en
met redenen omkleed te worden bevestigd. Het Hoofdbestuur neemt zo
spoedig mogelijk een besluit over eventueel te nemen maatregelen.
Betrokkenen worden zo spoedig mogelijk in de gelegenheid gesteld te
worden gehoord door het Hoofdbestuur.
78. Degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 77 van dit
reglement is geschorst of overeenkomstig het bepaalde in artikel 76
van dit reglement uit zijn functie is ontheven, kan daartegen in
beroep gaan bij de geschillencommissie, bedoeld in Hoofdstuk X van de
statuten.
79. De afdelingen en secties voeren een eigen financieel beleid met
inachtneming van hetgeen daaromtrent in dit reglement wordt bepaald.
De kosten van de afdelingen en secties worden in beginsel bestreden
uit de inkomsten die door de afdeling of sectie binnen haar
taakstelling worden gegenereerd. Het Hoofdbestuur kan op verzoek van
het bestuur van een afdeling c.q. de sectieleider besluiten de
afdelingen resp. de sectie uit de algemene middelen van de vereniging
te ondersteunen.
80. Het bestuur van een afdeling c.q. de sectieleider zendt jaarlijks
uiterlijk in de maand februari ter goedkeuring aan de penningmeester
van het Hoofdbestuur een begroting voor het lopende verenigingsjaar
en de rekening en verantwoording over het afgelopen verenigingsjaar
van de afdeling resp. sectie, onder gelijktijdige toezending van een
afschrift daarvan aan de kascommissie. Het bestuur van een afdeling
c.q. een sectieleider zendt voorts tegelijkertijd een jaarverslag van
de dienst aan het lid van het Hoofdbestuur dat is belast met het
toezicht op de afdelingen en secties.
81. Het bestuur van de afdeling c.q. de sectieleider is bevoegd:
a. bijeenkomsten te organiseren;
b. afdelings/sectievergaderingen te beleggen;
c. op verzoek van het Hoofdbestuur, representatieve
taken te vervullen.
Het bestuur van de afdeling c.q. de sectieleider brengt
de redactie van "Op de Rails" tijdig op de hoogte van de
onder a en b bedoelde activiteiten zodat deze in "Op de
Rails" gepubliceerd kunnen worden.
82. De kosten van een bijeenkomst of van andere activiteiten
van een afdeling of een sectie worden in beginsel bestreden
uit de bijdragen van de deelnemers.
83. Het bestuur van de afdeling c.q. de sectieleider draagt
zorg voor het tijdig beleggen van een vergadering voor de
verkiezing van leden van het bestuur resp. de sectieleider
en assistent-sectieleider.
84. De bijeenkomsten van een afdeling of sectie zijn toegankelijk
voor alle leden van de vereniging. Het bestuur van
de afdeling c.q. de sectieleider kan die toegang beperken
indien dat noodzakelijk mocht blijken.
Een bijeenkomst van een afdeling of sectie kan door het
bestuur van de afdeling c.q. de sectieleider worden
opengesteld voor derden.
85. Een afdeling of sectie wordt door het Hoofdbestuur opgeheven:
a. na een daartoe strekkend besluit van de algemene
ledenvergadering;
b. op verzoek van de afdeling c.q. sectie;
c. indien niet kan worden voorzien in de leiding van de
afdeling c.q. sectie overeenkomstig het bepaalde in
artikel 75 van dit reglement.Het Hoofdbestuur gaat
niet tot ontbinding over alvorens een afdelings-
c.q. sectievergadering bijeen te hebben geroepen
teneinde in de vacature te voorzien.
86. Het Hoofdbestuur kan op verzoek van een afdeling of
sectie na overleg met de andere betrokken afdeling of
sectie het geografisch gebied wijzigen. Ook kan het
Hoofdbestuur op verzoek van de betrokken afdelingen en
secties overgaan tot samenvoeging.
87. Het Hoofdbestuur kan nadere regels stellen omtrent het
bestuur, de organisatie, de werkwijze en de financiën van
afdelingen en secties.
IX. Stafvergadering
88. Tenminste eenmaal per jaar belegt het Hoofdbestuur een
stafvergadering. Voor deze vergadering worden in ieder
geval uitgenodigd:
a. de leden van het Hoofdbestuur;
b. de voorzitters van de afdelingen;
c. de sectieleiders;
e. de voorzitters van diensten met een bestuur;
d. de beheerders van de overige diensten;
f. de hoofdredacteur van "Op de Rails";
g. de leden van de kascommissie;
h. de voorzitter van de geschillencommissie;
i. de ledenadministrateur.
De vergadering dient vooral om van gedachten te wisselen
over het te voeren beleid in alle geledingen van de
vereniging en over de gang van zaken binnen de vereniging,
waaronder de financiële gang van zaken.
89. De stafvergadering is bevoegd:
a. de algemene ledenvergadering gevraagd of ongevraagd
te adviseren;
b. het Hoofdbestuur gevraagd of ongevraagd te adviseren.
90. De voorzitter van het Hoofdbestuur is belast met de leiding
van de stafvergadering. Bij ontstentenis wordt hij
vervangen door de vice-voorzitter. Is ook hij verhinderd
dan is één van de andere leden van het Hoofdbestuur, niet
zijnde de secretaris of penningmeester, met de leiding
belast. De secretaris van het Hoofdbestuur is verantwoordelijk
voor de oproep voor en het notuleren van de stafvergadering.
X. Slotbepalingen
91. Aan alle nieuwe leden wordt een exemplaar van de statuten
en van het huishoudelijk reglement verstrekt.
92. Voor iedere wijziging van dit reglement is de goedkeuring
van de algemene ledenvergadering vereist. De algemene
ledenvergadering mag een voorstel tot wijziging van dit
reglement niet in behandeling nemen indien dat voorstel
niet op de agenda is vermeld.
Aldus gewijzigd vastgesteld door de algemene ledenvergadering
van de NVBS die is gehouden op 11 mei
1996 te Utrecht, met dien verstande dat dit reglement
in werking treedt op 13 november 1996, de datum
waarop de akte, houdende algehele statutenwijziging
van de NVBS, waartoe in dezelfde vergadering werd
besloten, is verleden voor notaris P. Kroesen te
Vlaardingen. (Voorlaatste wijziging: 14 april 1984)